ds. G. Riemer

Mag ik me even voorstellen?

Mijn naam is Gerrit Riemer, ik werd geboren in Ermelo, een klein dorp op de Veluwe. Ik kwam ter wereld op 28 juli 1951. Mijn hele leven groeide ik op tussen de boeken, want mijn vader is boekverkoper, en ons woonhuis was direct achter de winkel. Ik had een bijzonder gezellige HBS-B tijd, want ik deed er twee jaar langer over dan strikt nodig was. Hier reeds ontmoette ik Gonny Ottens, het liefste meisje van de klas, waarmee ik negen jaar later zou trouwen. In deze tijd besloot ik (zwaar onder de indruk van het lezen van Jungle Pimpernel en de protestmarsen van 'Door de eeuwen Trouw' - ik zat zelfs een keer als jochie naast Victor de Bruijn, toen P. Jongeling een toespraak hield in Utrecht) om zendeling te worden in Irian Jaya. Dat kon natuurlijk helemaal niet, maar mijn jongenshart zat nu eenmaal zo in elkaar. Ik ging naar Groningen, voor de vooropleiding oude talen bij drs. Ph. Roorda, en vervolgens naar Kampen. Daar was het een boeiende tijd, onder het onderwijs van Kamphuis, Trimp, Douma, van Bruggen, Wielenga, Lettinga, Doekes, Meijer.
Al die tijd was ik toch wel gefocust op zendingswerk - uiteindelijk was ik met dat doel via Groningen naar Kampen gegaan. Een gang naar de Nederlandse pastorie sloot ik natuurlijk niet uit, maar dat zag ik meer als een optie in geval van nood.
Al voor het afsluiten van mijn studie zocht de zendende kerk van Enschede-Noord contact met ons. Zij hadden een zendeling nodig in Tiau, als opvolger van ds. Jac. Kruidhof. Direct na het classisexamen werd ik beroepen voor dit werk, een beroep dat ik op dezelfde dag aannam. Toen volgden in snel tempo voorbereiding op uitzending, GMO, SIL-cursus in Engeland, injecties, inpakken en wegwezen. Intussen was ik al drie jaar gelukkig getrouwd, en kregen wij in rap tempo drie kinderen. In 1981 kwamen wij aan op Irian Jaya, en begonnen wij te werken in het Citak-gebied, wonend in Tiau, de centrale zendingspost daar. Een plaats waar we tot februari 1991 zijn gebleven, en waar we nog twee kinderen kregen. Wij hebben een heerlijke tijd gehad, wij hebben genoten van dit werk, genoten van de broeders en zusters daar, genoten van de zorg en de bescherming van onze hemelse Vader, genoten van de leiding van de Heilige Geest, geleefd en gewerkt bij de verlossing en vergeving van onze zonden door Jezus Christus.
Al in 1986 begon ik voorstellen te doen over alternatieve manieren om de kerken in Irian Jaya bij te staan, mocht de deur voor personele hulp door de Indonesische overheid gesloten worden. De meest voor de hand liggende optie was die van literatuurwerk. Voorstellen werden gelanceerd, overleg werd gevoerd met de zendende kerk, en bij mijn repatriëring ontving Enschede-Noord de vrijmoedigheid om mij tijdelijk aan het werk te zetten met een schrijfopdracht. Dat was het begin van wat later zou uitgroeien tot Litindo.
Als schrijver van Litindo produceerde ik eerst vier deeltjes voor de opleiding van ouderlingen Jemaat yang Hidup, Penatua, Kunjungan Rumah en Administrasi Gereja (het laatste van de hand van Joh. Veldhuizen). Deze boekjes verschenen in de serie gemeenteopbouw, een serie die door de Here gezegend werd, niet alleen in Indonesië, maar later ook via vertaling in Nederlands, Frans, Engels, Portugees en Pidgin (de officiële taal van Papua New-Guinea) in andere landen. Verder schreef ik een handboek voor Liturgie (Cermin Injil) en voor catechetiek (Ajarlah Mereka). Een cursusboek over de Diakonale gemeente ligt nu bij de uitgever. Ik vertaalde en Indonesianiseerde 'De Bijbel is geen Puzzelboek' van ds. Tj. Boersma, een boekje over de kinderdoop van ds. J.J. Schreuder, 'De Charismatische beweging en wij' van prof. dr. J. W. Maris. Verder was ik betrokken als corrector bij de vertaling van 'Christus op Aarde' van prof. dr. J. Van Bruggen, 'Roep mij aan' van J. Westerink, en 'Zo arm als Job' van ds. C. Bijl. Door mijn betrokkenheid bij Litindo mocht ik ook een rol spelen bij het ontstaan van het project CeriA (annex de vertaling van de Kijkbijbel), en de samenwerkingsrelatie die met SETIA tot stand kwam.
Vanaf 1998 werd ik opgesplitst in twee taken, 50 % LITINDO, 50 % IRTT (nu de trainings-afdeling van DVN, Intercultural Reformed Theological Training). Ik doe mijn werk met plezier, ook al zou je wel eens harder willen gaan en meer willen produceren dan de werkelijkheid toelaat.

 terug    naar boven