ds. H. Venema

Mag ik me even voorstellen?

Mijn doopnaam luidt Hendrik Venema. Ik luister naar de roepnaam "Henk" en ook naar de Indonesische variant "Paheng" (een verkorting van Bapak Henk, oftewel Meneer Henk).

Ik ben geboren in Drachten (gemeente Smallingerland) op 21 augustus 1952. In Groningen volgde ik van 1966 tot 1972 het VWO (Gymnasium Alpha) aan het Gereformeerd Lyceum. Daarna ben ik naar Kampen getrokken om daar aan de Theologische Hogeschool (nu: Universiteit) van de Gereformeerde Kerken in Nederland (vrijgemaakt) te gaan studeren. In augustus 1978 slaagde ik voor het kandidaatsexamen theologie.

Van jongsaf ben ik opgegroeid met het zendingswerk. Mijn thuiskerk in Drachten was zendende kerk voor de zending rond Bengkayang op West-Borneo (= Kalimantan Barat). In de kerk en ook thuis werd er altijd voor het zendingswerk gebeden. Ik las de verhalen in het zendingsblad met interesse. Dit betekende echter niet dat ik naar Kampen ging om zendeling te worden. Ik stelde mij in op het predikantschap in Nederland. Pas in de loop van mijn laatste studiejaar - ik was intussen getrouwd met Atsje Larooij - kwamen wij in contact met 'de zending'. Dit resulteerde in een beroep van de Gereformeerde Kerk van Groningen-Noord voor de missionaire dienst op Irian Jaya (nu: Papua) met als standplaats Kouh. Dit beroep nam ik aan. We verhuisden van Drachten naar Groningen, waar ik op 19 januari 1979 werd bevestigd als 'missionair predikant'. Meteen begon ook de zendingsopleiding: verdieping van de missiologie, orientatie in de culturele antropologie, taalstudie: Indonesisch en ook een algemene taalcursus bij het SIL (Summer Institute of Linguistics) in Engeland. Veel van deze opleiding die ons voorbereidde op het leven in een volslagen andere cultuur dan de onze, herinner ik me nog als de dag van gisteren. Bovenal de wijze raad van ds. Koos van der Velden, voorzitter van de Irian-commissie: "Als je niet liefdevol naast de Papua's wilt staan, moet je niet gaan."

Wij hebben lang op een visum moeten wachten. Pas in maart 1981 konden Atsje en ik met onze dochter Wemke van net drie afreizen naar het zendingsveld. Wij kwamen eerst, van maart 1981 - mei 1983, te werken in Kouh, gelegen aan de Digul ten noorden van Tanah Merah, in de zuidelijke laagvlakte van Papua, waar in 1958 de zending van de Gereformeerde Kerken op Papua was begonnen. Daar had mijn werk het karakter van gemeenteopbouw. Het was mijn taak de kerkenraad naar zelfstandigheid te begeleiden. Na de bevestiging van de eerste Papua-predikant, ds. Obed Rumi, verhuisden wij naar Yaniruma, de zendingspost voor de Korowai-stam, aan de bovenloop van de Ndeiram. Daar bevond het werk van de evangelie-verkondiging zich nog in het beginstadium. Samen met Johannes en Frieda Veldhuizen hebben wij, van mei 1983 - juni 1986, gewerkt aan de openlegging van het Korowai-gebied, waarbij wij ons verdiepten in de taal en de cultuur van het Korowai-volk. Drie jaar later verhuisden we naar Boma, aan de Mapi, omdat ik was uitgekozen om vast docent en later zelfs rector te worden aan de Theologische opleiding van de GGRI IrJa (Gereja- gereja Reformasi di Indonesia - Irian Jaya, Gereformeerde Kerken in Indonesia - Irian Jaya). Hoewel ik met tegenzin in Boma aan het werk ben gegaan, ben ik in de loop van de jaren uitgegroeid tot een enthousiast docent. Van juni 1986 - juni 1992 hebben Atsje en ik in Boma gewoond. In 1990 kregen we gezinsuitbreiding door de adoptie van onze zoon Jos (Johannes Rakhmat, geboren in Jakarta).

Atsje heeft zich in die jaren ook steeds ingezet voor de Papua's - met bijbelstudie voor vrouwen, naaicursussen, alfabetiseringscursussen - en deed veel administratief werk voor de zending. Ik ben al die jaren aan de studie gebleven en ging mij daarbij steeds meer concentreren op het overlappingsgebied tussen missiologie en antropologie, de zogeheten missionaire antropologie. Met name het sagorupsenfeest, het centrale vruchtbaarheidsritueel van de Kombai- en Korowai-stam, heb ik nauwkeurig geobserveerd en beschreven. Er ligt nu (in 2002) een manuscript klaar van een boek over 'reculturatie' (heiliging van de cultuur) met als uitgewerkte casus het genoemde feest.

In 1992 keerden wij terug naar Groningen in Nederland. Via het literatuurproject LITINDO bleef ik betrokken bij de verdere opbouw van de GGRI, niet alleen in Papua, maar ook in Kalimantan Barat en Nusa Tenggara Timur (Oost-Sumba, Sabu en Kupang). Samen met ds. Gerrit Riemer was ik vanaf het begin betrokken bij dit project. Daarbij bleef ik aan de studie, en kon ik in 1996 mijn doctoraal examen doen, hoofdvak Missiologie, bijvak Gemeenteopbouw.
In het kader van LITINDO heb ik intussen enkele boeken mogen schrijven - zoals Injil untuk Semua Orang, Het Evangelie voor alle mensen (Inleiding in de missiologie) en Hidup Baru (Nieuw leven), het al genoemde boek over reculturatie - en de vertaling van een aantal boeken mogen begeleiden. In Nederland verscheen van mijn hand Liefdedienst aan allen. Gemeente en diaken hand in hand voor wereldwijde hulpverlening (uitgave van DVN).

Toen in 2000 een theologisch docent gezocht werd, die op korte termijn kon worden uitgezonden naar Jakarta in het kader van het SETIA-project, heb ik mij daarvoor beschikbaar gesteld. LITINDO heeft mij voor dit werk enkele jaren willen uitlenen. Zo ben ik van oktober 2000 tot en met juli 2003 verbonden geweest aan de Sekolah Tinggi Teologia Injili Arastamar (SETIA) in Jakarta. Samen met mijn vrouw Atsje – die in die jaren veel heeft gedaan aan charitatief werk via de Nederlandse “Werkgroep ‘72” – en mijn zoon Jos – die de hoogste groepen van de Nederlandse Internationale School (NIS) heeft doorlopen – heb ik met veel genoegen in Jakarta gewoond en gewerkt. Het was mijn taak SETIA te helpen uitgroeien naar een gereformeerde opleiding. Er is intussen een heel proces op gang gekomen, dat zich positief ontwikkelt. Mijn opvolger, ds. Dick Mak, zet nu mijn werk aan SETIA voort.

Behalve aan SETIA heb ik ook gedoceerd aan de Sekolah Tinggi Teologia Reformed Injili di Indonesia (STTRII). Met deze Theologische Hogeschool had LITINDO al jarenlang contact, m.n. met de decaan van deze school, Dr. Yakub Susabda. Ook onderhield ik de Indonesische contacten van LITINDO (uitgevers, vertalers). Ik gaf her en der gastcolleges en lezingen en ik ging geregeld voor in de Nederlandstalige kerkdiensten van de Protestantse Kerk. Mijn verblijf in Jakarta heeft geweldig veel contacten opgeleverd, waarmee LITINDO haar winst kan doen.

Sinds 1 augustus 2003 ben ik terug in Nederland. Na een kort verlof ben ik nu weer werkzaam in het LITINDO-project. Niet meer fulltime, zoals vroeger, maar voor 50% van de tijd. Voor de andere 50% ben ik sinds 5 oktober 2003 gemeentepredikant van de Gereformeerde Kerk (vrijg.) van Onnen, een gemeente van 130 leden. Terug in de oude situatie, maar met een nieuwe uitdaging.

 terug    naar boven