Laatste nieuws . Oude nieuwsitems . Publicaties . Veelgestelde vragen . Archief

Seminar predikanten/evangelisten GGRI NTT

Opening met meditatie
Iedereen is er, in totaal zo'n 60 mensen. "Bpk. Pdt. Pila Njuka M.Div" is gevraagd om een meditatie te houden. Die gaat over Hand. 4:12, er is geen andere naam onder de hemel dan die van Jezus Christus, waardoor mensen gered kunnen worden. Hier op Sumba is het mogelijk om onomwonden te zeggen dat de profeet Mohammed geen redding brengt, ook in aanwezigheid van de ambtenaren van DepAg.

En woorden van welkom
Daarna komen de Kata Sambutan (woorden van welkom). Als eerste mag ik namens LITINDO aan het woord. Ik zeg dat ik het fijn vind om na acht jaar weer terug te zijn op Sumba. Ik vertel over de recente ontwikkelingen van LITINDO en laat het nieuwste bulletin rondgaan. De Here zegent het LITINDO-project rijk: er zijn al meer dan 100.000 boeken verkocht. En LITINDO heeft intussen een heel netwerk aan contacten. Overal vandaan komen uitnodigingen om LITINDO te komen presenteren. Maar de GGRI zijn en blijven relatie nr 1, want LITINDO is uiteindelijk een project van de GGRI. Het is zelfs zo dat de beslissing om het LITINDO-project te beginnen in ditzelfde kerkgebouw genomen is op de GGRI-conferentie van november 1991. Ik leg ook uit wat de bedoeling van mijn bezoek is: het uittesten van materiaal dat LITINDO wil uitgeven. Ook vertel ik - op verzoek - iets over de dreigende situatie rond SETIA: Is de rust intussen weergekeerd, of zijn er nog steeds van die islamitische protestacties

Vervolgens voert een van de ambtenaren het woord. Tenslotte spreekt de voorzitter van het curatorium woorden van welkom. Bij gebrek aan een hamer wordt het seminar met vuistslag geopend.

1. Een loyale samenleving

Na de pauze houdt een van de mensen van DepAg een voordracht over de functie en de plannen van het departement in de hoofdzakelijk christelijke Kabupaten Oost-Sumba. Het lijkt me wel interessant om daarvan iets door te geven, al was het alleen al om het jargon. Het departement heeft als doel het opbouwen van een loyale samenleving, waarin men elkaar verdraagt en respecteert. Men gebruikt hiervoor het woord ceriah (vgl de mee door LITINDO tot stand gekomen Alkitab CeriA!, Kijkbijbel). Iedere letter heeft een betekenis (net als bij de STT SETIA): cerdas (ontwikkeld), emosional (betrokken), rukun (saamhorig), beriman (gelovig), beragama (religieus) en harmonis (harmonisch). Godsdienst is hierbij de drijvende factor en wordt getypeerd als motivator, dynamo, innovator en sublimator. Het departement werkt aan deze eensgezindheid via communicatie met todat, toma, tomas, afkortingen van resp. tokoh adat, tokoh agama, tokoh masyarakat, de vooraanstaanden in adat, godsdienst en samenleving. Op dit seminar vindt de communicatie dus plaats met de toma van de GGRI NTT. Het is natuurlijk duidelijk wat de trefwoorden van het de verschillende godsdiensten overkoepelende DepAg zijn: saamhorigheid, tolerantie, respect, compromis, partnerschap. DepAg kan daarom nooit pro islamisasi, maar ook niet pro kristenisasi zijn. Het is niet toegestaan om elkaar te verketteren, maar men dient elkaars overtuigingen te waarderen. DepAg is van plan om op Sumba een STT Negeri op te richten, een staatstheologische hogeschool, toegankelijk voor alle 11 kerkelijke denominaties die op Oost-Sumba aanwezig zijn (let wel: het gaat niet om een interdenominationale, maar om een nationale opleiding onder de paraplu van een overheidsstichting). Laat die school een middel worden om als kerken elkaar te ontmoeten. De ambtenaar roept ook op tot kanselruil en om elkaar te ontmoeten in een Forum Komunikasi.

Een haalbaar ideaal of slechts een mooie droom? De aanwezigen op het seminar laten er geen misverstand over bestaan: dit is niet realistisch. Ze verwijzen naar wat ik zopas verteld heb over de situatie rond SETIA. Hoewel wij christenen een geaccepteerde bevolkingsgroep zouden moeten zijn, worden wij door de meerderheidsgodsdienst, de islam, steeds meer aan de kant gezet (disudutkan). En verder: het is toch een van de kenmerken van godsdienst dat de ene de andere uitsluit? Wij zeggen toch ook op basis van de bijbel (vgl de meditatie van zopas) dat er alleen maar redding is in de naam van Christus. Dat beperkt de tolerantie en de mogelijkheid om compromissen te sluiten. We mogen echter alleen maar denken wat we vinden, we mogen het niet uitdragen. Zodra we zeggen dat de koran fout zit, heb je de poppen aan het dansen. Maar zij mogen wel de bijbel in het openbaar afwijzen. Wordt het geen tijd dat DepAg landelijk opkomt voor de niet-moslims? Christenen hebben ook hun rechten in dit land!

De heren van DepAg zijn zelf christen (de een afkomstig van Timor, de ander van Alor), maar kunnen als ambtenaar natuurlijk niet anders dan oproepen tot saamhorigheid en wederzijdse acceptatie. Als we allemaal vreedzaam samenleven en oppassen voor fanatisme, kunnen we een hoop problemen voorkomen, denken ze.



2. De reikwijdte van profetenwoorden

Na de maaltijd is het mijn beurt. Pdt Huki Landutana heeft als moderator de leiding en geeft mij het woord. Voor mijn field testing (een van de doelen van elke LITINDO-werkreis) heb ik via pdt Pila Njuka vooraf de keus gegeven tussen twee onderwerpen: het onderdeel Jangkauan kata-kata para nabi (de reikwijdte van profetenwoorden) in de onlangs door mij gecorrigeerde vertaling van J. van Bruggens Het lezen van de bijbel, of een introductie in de gereformeerde leer over Providensi Allah (Gods voorzienigheid). Over dit laatste onderwerp moet ik straks, terug in Nederland, een hoofdstuk schrijven in de door LITINDO uit te geven Dogmatik Reformed Ringkas (Beknopte Gereformeerde Dogmatiek). De keus is gevallen op het eerste onderwerp. In Van Bruggens boek is dit een pittig onderdeel. Het lijkt me goed om eens na te gaan wat hiervan nu eigenlijk overkomt. Pak Huki vertelde me al dat hij op de STRI ook net bezig is met de exegese van profetenstof. Dit onderwerp komt hem goed van pas.

Mijn bijdrage bestaat uit drie onderdelen: a) profetie en de bijbel; b) profetie en vervulling; c) profetie en voorbeeld ('type'). Vanwege de hoeveelheid tijd die ik krijg, moet ik me sterk beperken. Behalve theoretische uitleg, geef ik bij elk van de onderdelen een flink aantal praktische voorbeelden. Er ontstaat regelmatig een levendige discussie. Soms probeert men zijwegen te bewandelen: over het leven op de nieuwe aarde, over de gave van de tongentaal, over de exegese van Hooglied ed. Maar daarop kan ik nu niet ingaan.

a. Profetie en de bijbel
Ik gebruik de geschiedenis waarover ik afgelopen zondag in Jakarta net een preek hoorde, Ex. 14:1-14 als inleiding, maar nu in de bredere setting van heel Exodus (belofte en vervulling). Daarna stel ik de vraag wat profetie nu eigenlijk is. Het verwachte antwoord komt meteen: 'verkondiging van iets wat nog moet gebeuren'. Ik toon uit OT en NT aan dat de bijbel over 'profetie' veel breder spreekt (zie 2 Ptr. 1:20-21). In feite is het gewoon synoniem met 'Gods Woord'. Profetie kan, zo blijkt, ook gaan over het verleden of over het heden. Profetie en geschiedenis zijn niet te scheiden (in de indeling van de Hebreeuwse bijbel gebeurt dat ook niet, in die van de Nederlandse en Indonesische vertaling wel). Profetie is dus niet maar een van de genres in de bijbel naast vele andere (geschiedenis, lied, evangelie, brief), al gaat profetie inderdaad vaak speciaal over de toekomst.

b. Profetie en vervulling
Na de avondmaaltijd ga ik verder met het tweede onderdeel, de vervulling van de profetie. Ik snijd slechts een aantal punten aan, weer met voorbeelden. Soms volgt de vervulling meteen, soms duurt het eeuwen (of wachten we er nog steeds op), soms in étappes (iets heel anders dan aanvankelijke en definitieve vervulling!). Voorbeelden: de geschiedenis van Abram in het boek Genesis; verder: 1 Kon. 14. Veel profetieën gaan over de komst van de Messias: Jes. 7 (zie voor de vervulling: Mat. 1), Ezech. 17 en Jer. 23. Het is intussen tegen negen uur. Aan de voorbeelden van Van Bruggen, Rom. 11:25-32 en Ps. 2, komen we niet toe. Die kunnen ze zelf wel lezen in het uitgereikte materiaal. Morgen gaan we verder met het derde onderdeel. Tot nu toe doet men enthousiast mee.

c. Profetie en voorbeeld/type
Wanneer een profeet geschiedenis beschrijft, heeft dat een bepaalde waarde of - anders gezegd - een grote reikwijdte. In het NT lezen we woorden als: onderwijzing, waarschuwing en voorbeeld (Rom. 15:4; 2 Tim. 3:16-17; 1 Kor. 10). Het verleden zegt iets tot ons nu. In dat kader gaat het over het 'typologische aspect van de exegese', niet te verwarren met allegorie en exemplarisme. Je mag nooit zomaar willekeurige teksten tot voorbeeld verheffen, maar moet je daarbij houden aan de regels: het geheel van de bijbel in rekening brengen, lezen in de context, de bijbel zichzelf laten uitleggen. Na de koffiepauze behandel ik het voorbeeld Mel-chizedek (Gen. 14:18-20, Ps. 110, Hbr. 7:1-3). Er ontspint zich weer een levendige discussie.

Ik verzoek ze tenslotte het materiaal te bestuderen en me te laten weten of het duidelijk is, hoe het overkomt. Ik heb niet de illusie dat ik veel reactie zal krijgen. Toch wel van enkelen van hen. Ik wek ze ook op om over profetische stof te preken. Het materiaal geeft genoeg houvast.



3. Traditionele en goddelijke geneeskunst

Na het middageten is er eerst pauze. Ik ga terug naar het gastenhuis om even de benen te strekken. Om drie uur gaat het seminar verder. Nu krijgt Pak Pila het woord van moderator pdt Paulus Pakereng. Zijn onderwerp gaat over Perdukunan dan Penyembuhan Ilahi (tradi-tionele geneeskunst en goddelijke genezing). Het eerste behoort tot het 'geloof' van niet-christenen (en helaas ook nog van heel wat christenen), het tweede tot het geloof van met name charismatische christenen (en ook van heel wat andere christenen). Tussen haakjes: door deze twee vormen van genezing in de titel van het onderwerp parallel naast elkaar te plaatsen, suggereert Pila vanaf het begin gelijkheid tussen die twee. In de loop van zijn verhaal toont hij die gelijkheid ook aan.

Eerst legt hij uit wat er met perdukunan precies wordt bedoeld. Hij schetst de achtergronden en de praktijken en geeft een beoordeling. Veel voorbeelden worden genoemd, natuurlijk speciaal mbt de eigen context van Oost-Sumba. Een geanimeerde discussie volgt, mn over allerlei 'gekerstende' vormen van heidense geneeskunst: zalven met olie, helder water drinken, lange gebeden uitspreken (ook moslim-magie). Ook al praten ze er veel vaker over (het vorige seminar), Pila maakt heel wat los. Mooi om aan te horen, als buitenstaander. Zo nu en dan breng ik ter verduidelijking wat in vanuit de Papua-context, maar ik beperk me zoveel mogelijk tot luisteren. Het is me wel duidelijk dat de grens tussen een dokter met zijn pillen plus een dominee met zijn gebed en een dukun met zijn middeltjes en spreuken (nog) lang niet altijd helder is. Geen wonder: een samenleving die vergeven is van toverij en magie, heeft veel tijd nodig om tot radicaal andere inzichten te komen. Pila geeft helder aan dat het gebruik van lokale geneesmiddelen (kruiden, boombast) helemaal niet verkeerd is. Die hebben zeker geneeskrachtige werking, maar die is er door God in gelegd. Ziekte is een gegeven na de zondeval, maar God geeft in zijn schepping allerlei geneesmiddelen. De fout is dat bepaalde mensen daar misbruik van maken en zo een machtspositie verwerven. Kennis is macht. Ze spe-len in op de onkunde, de angst en suggestie van de mensen en houden zo iedereen in bedwang. En de mens: hij wil bedrogen worden. Ieder is het erover eens dat perdukunan afwijkt van de waarheid van Gods Woord (Deut. 18) en moet worden veroordeeld.

Vervolgens geeft Pila uitleg over het begrip penyembuhan ilahi. Het 'goddelijke' geeft aan dat er rechtstreekse genezing plaatsvindt buiten dokters en geneesmiddelen om. Dus niet: gebed bij medicijngebruik, maar in plaats ervan. Pila schetst ook hier de achtergronden (doop met de Geest, gave van genezing ed) en de praktijken (gebed, handoplegging, spreuken waarin altijd de naam 'Jezus' voorkomt), mn in Indonesia, en geeft een beoordeling. De gebedsgenezers claimen te beschikken over 'kracht', de patiënten moeten beschikken over geloof. Naar de wil van God wordt niet gevraagd (Pila vertelt dat een Engelstalige schrijver het presteerde om Jezus gebrek aan geloof te verwijten bij zijn gebed in de Hof van Getsemane; anders was hij vast niet gevangen en gedood). Opnieuw passeren veel voorbeelden de revue, mn van tv-uitzendingen. Ook nu is de discussie weer levendig. Toch is er een verschil met zopas: nu is men er niet zo zeker van dat het tegen Gods Woord ingaat. Als zo'n zieke inderdaad genezen wordt, dan moet dat toch van God komen? En moeten wij anderen die ook 'in de naam van Jezus' komen, niet aanvaarden? Er zit een stukje onzekerheid in de discussie. Pila legt uit dat wonderen van God inderdaad mogelijk zijn, maar niet op afroep beschikbaar. Ook hier gaat het weer vooral over de manier waarop. Mensen claimen die macht. Hun manieren van doen verschillen niets van de magie en bezweringen in het heidendom. Als ze werkelijk over die macht beschikken, zou wel of niet geloven niets moeten uitmaken. Laten ze eens naar de ziekenhuizen en inrichtingen gaan om daar mensen te genezen, of naar Afrika om al die aidspatiënten te genezen. Men heeft, zegt Pila, ook een verkeerd beeld van deze wereld, waar nog steeds zonde, ziekte en dood voorkomt. Men denkt die te kunnen uitbannen, alsof de nieuwe aarde al gekomen is (ik denk aan 2 Tim. 2:17-18). En de gelovigen worden zo ontmoedigd: een gelovige die sterft aan zijn ziekte is in feite het toppunt van ongeloof. Maar hoe zit het dan met de dood? Laat HC 10 ons troosten. Ziekte is geen straf meer, maar alleen een gevolg van de zonde. Wie gelooft is verlost, ook al sterft hij aan een ongeneeslijke ziekte.

Pak Pila heeft vooral gebruik gemaakt van Engelstalige literatuur, zoals het boek Charismatic Chaos van John Mac Arthur (ISBN 0-310-57570-2; vergelijkbaar met het boek Geestrijk leven dat momenteel in opdracht van LITINDO wordt vertaald door Ibu Amsy) en daarnaast ook van het boekje van Groen, Mau-mau dan obat tradisional. Tot mijn verbazing blijkt hij Candlestand Statement (IRTT) en Gereja Kharismatik dan Gereja Kita (LITINDO) niet te kennen. Ook niet de boeken van Ir. Herlianto, die in een van zijn publicaties op overtuigende wijze de link tussen de beide vormen van geneeskunst aantoont: de christelijke gebeds-genezers maken gebruik van heidense methoden. De naam 'Jezus' wordt op magische wijze gebruikt in de herhaaldelijk uitgeschreeuwde formule 'In de naam van Jezus, word genezen!' (wie denkt hier niet aan de zonen van Scevas in Hand. 19?).

De bespreking gaat door tot zeven uur. Het is een bijzonder leerzame middag. We eten. En daarna volgt de sluiting van het seminar. De voorzitter van het curatorium put zich uit in ver-ontschuldigingen, want allerlei dingen zijn niet gegaan zoals het moest. De sprekers worden bedankt en de aanwezigen opgeroepen om het geleerde in praktijk te brengen. We zingen tenslotte Psalm 110: over de eeuwige hogepriester Jezus Christus die met zijn offer voor de zonden ons toegang geeft tot Gods troon (Hbr.). Christus is de weg. Die weg is open! Na het slotgebed schudden we elkaar de hand en nemen afscheid met een 'tot weerziens' (een echt christelijke groet). Ik ga terug naar het gastenhuis. Het waren beslist twee vermoeiende dagen, ik ben af, maar ik had ze niet graag willen missen. De broederschap tussen LITINDO en de GGRI NTT is weer versterkt.


1. Een dukun is een medicijnman of zelfs een tovenaar, die met behulp van lokale geneesmiddelen en bezwerin-gen (dat laatste moet er vooral bij: gebaren, spreuken ed) zieken geneest. Die geneesmiddelen kunnen best zelf genezende werking hebben, maar volgens de mensen krijgen ze pas kracht door de 'manier van doen' van de dukun. Geen wonder dat zo iemand een enorme machtspositie heeft.

2. Huki en Paulus vertellen wat van hun ervaringen op SETIA. Het aantal charismatische studenten was niet groot, maar zij profileerden zich wel heel sterk. Een van hen, vertelt Huki, sprak dagelijks tongentaal, maar was er een jaar later vanaf, omdat hij inzag dat het onzin was. Tegen een docent die zwaaide met zijn jas (net als Elia bij de Jordaan) werd in de klas krachtig geprotesteerd. Ook op hun praktijklocatie kregen ze te maken met 'goddelijke genezingen' vanuit charismatische kerken, waarvoor de leden van GGRI en GKSI toch wel veel ontzag hadden.

 terug   naar boven